Wie ben ik?
Ik ben Frank, 43 jaar, woonachtig in Borgerhout โ het bruisende hart van Antwerpen voor wie het niet kent. Overdag sta ik voor de klas als leraar aardrijkskunde aan een secundaire school in de buurt van het Centraal Station. Ik vertel tieners over continentale verschuivingen, klimaatzones en rivierdeltas. 's Avonds hou ik me bezig met iets wat mij minstens even fascineert: de wereld in een glas gin.
Ik ben getrouwd met Lies, die mijn gin-obsessie gedoogt met engelengeduld en af en toe zelfs deelt. We hebben samen twee kinderen: Remi (11) en Noor (8). Ze weten dat papa's "speciale flesjes" niet aangeraakt mogen worden. Remi vraagt soms waarom sommige flessen zo mooi zijn. "Omdat de mensen die ze maken, trots zijn op wat ze maken", zeg ik dan. En dat is ook precies waarom ik van gin hou.
Van jenever naar gin
Als echte Antwerpenaar groeide ik op met jenever in de buurt. Mijn grootvader had altijd een fles Filliers staan in de kast naast de televisie. Niet om elke dag van te drinken โ gewoon voor als er bezoek was, of voor de grote match op zondag. Die geur, die kleur, die traditie โ dat zit in mij gebakken.
Maar gin? Dat was iets anders. Gin was voor de Britten, dacht ik. Voor mensen met een strikje en een monocle. Tot ik op mijn 34ste op een schoolreis naar Londen terechtkwam โ de jaarlijkse trip met de derde graad โ en in een kleine bar in Shoreditch een gin-tonic bestelde omdat het op de kaart stond. De barman vroeg welke gin. Ik zei: "de goede." Hij lachte en schonk me een Hendrick's met komkommer. Ik stond versteld.
Thuis begon ik te zoeken. En ik ontdekte dat we in Belgiรซ zelf gins maken die minstens even goed zijn โ en vaak beter. Dat was het begin van een reis die tot op vandaag doorgaat.
Hoe ik proef
Ik ben geen opgeleide proever. Ik heb geen gesommelier-diploma aan de muur hangen. Wat ik wรฉl heb, is aandacht. Ik neem de tijd. Ik ruik eerst, lang. Dan een kleine slok puur โ geen ijs, geen tonic. Dan met ijs. Dan in een gin-tonic met een neutrale tonic zodat de gin echt aan het woord komt.
Mijn scores zijn persoonlijk. Ik weeg mee: hoe voelt de gin aan op een gewone avond? Kan ik hem aanbevelen aan iemand die niet dagelijks gin drinkt? Is hij de prijs waard? Dat zijn vragen die ik stel voor elk glas dat ik beoordeel.
En ik ben eerlijk. Als iets me niet overtuigt, zeg ik dat. Ook al is de fles nog zo mooi.
Gin als geografie
Als aardrijkskundeleraar zie ik gin door een andere bril dan de meeste mensen. Elke gin is een kaart. De botanicals vertellen je waar de maker vandaan komt, wat er groeit in zijn omgeving, wat zijn streek ademt. Een gin uit de Kempen smaakt anders dan een gin uit de Ardennen. Een gin uit Gent draagt de Schelde in zich. Een gin uit de kust heeft iets zouts, iets wilds.
Dat terroir-verhaal fascineerme. Ik zoek het in elke fles. Het is ook de reden waarom ik me vooral op Belgische gins focus โ niet omdat buitenlandse gins niet goed zijn, maar omdat de verhalen van eigen bodem me het meest raken. Dit is mijn land. Dit zijn mijn gins.
Het gezinsleven en de gin-kast
Lies heeft een vaste regel ingevoerd: de gin-kast mag niet groter worden dan de boekenkast. Tot nu toe houd ik me er min of meer aan. Tot nu toe. Ik heb momenteel 22 flessen staan โ waarvan een paar al bijna leeg en dus eigenlijk niet meer te tellen. Zo redeneer ik.
Remi heeft me ooit gevraagd of gin lekker was. "Als je groot bent", zei ik. Hij knikte ernstig. Noor vindt de flesjes "te mooi om te drinken". Ze heeft een punt. Sommige Belgische gin-flessen zijn echt kunstwerkjes.
Op vrijdagavond, als de kinderen slapen en de week erop zit, maak ik een gin-tonic. Niet snel, niet gedachteloos. Ik kies de gin, ik kies de tonic, ik denk na over de garnering. Het is een ritueel. Tien minuten voor mezelf. Dat is luxe.
Waarom deze blog?
Ik begon Ginproever.be omdat ik nergens een Nederlandstalige bron vond die gin besprak zoals ik het wou: eerlijk, persoonlijk, zonder pretentie. Er zijn veel Engelstalige gin-blogs. Er zijn Belgische sites die gins verkopen. Maar een gewone kerel die gewoon vertelt wat hij proeft en waarom? Dat miste ik.
Dit is geen gesponsorde blog. Ik koop mijn gins zelf of krijg ze van vrienden. Niemand betaalt me om iets positief te zeggen. Als een gin goed is, zeg ik het. Als hij tegenvalt, ook. Dat is de enige manier waarop ik dit nuttig kan houden.
Mijn persoonlijke top 3
Na meer dan tachtig geproefde gins komen er drie steeds weer bovendrijven. Geen toevalstreffer โ dit zijn de gins die ik telkens opnieuw teruggrijp.
Innerlijke kracht in een fles. De botanicals, de diepte, de afdronk โ dit is gin zoals het bedoeld is.
Tijdloos Belgisch vakmanschap. De gin die mijn grootvader zou kennen, en die ik nog altijd met trots inschenk.
Antwerpse elegantie op zijn best. Verfijnd, consistent en altijd goed โ de perfecte gastgin.